zaterdag 20 juli 2013

Blauwe tenen



Op een dag had ik een blauwe teennagel. Zo’n lelijkerd waar je je de hele zomer aan ergert. Vraag me niet hoe ik er aan kwam. Pijn deed het niet. Ik vond het geen gezicht, en dat was het natuurlijk ook niet. Bij de zondagse koffie kwam de teen ter sprake - Elske wist er wel iets op. "Lak alle nagels blauw, zal ik het meteen even doen?"

Nu houd ik wel van een kleurtje maar mijn nagels zijn nog nooit verder dan rozerood gekomen.  Dit was wel iets héél anders. Met enige reserve legde ik mijn voeten in Elske’s handen en een kwartiertje later stond ik er weer op: met blauwe tenen. Nog dagenlang trokken mijn ogen naar mijn blauwe nagels, ik kon er maar niet aan wennen. Zodra er een schoen om zat vergat ik ze, maar liep ik op slippers dan was ik me hinderlijk bewust van die tien blauwe vlekken onder me.  Moet ik daar de hele zomer mee blijven rondlopen?

Het is nu zaterdagmiddag.  Ik fiets voor een boodschap de stad in. De zon schijnt en het is vakantietijd, er is veel volk op de been. Ik laat me verleiden een stukje van mijn route af te snijden door me, netjes met mijn fiets aan de hand, tussen het winkelend publiek te begeven. Ik heb geen haast en dat is maar goed ook: eerst die fiets naar de stalling brengen, ik loop hier hopeloos in de weg.

Ineens zit ik, met één knie op de grond. Het gaat razendsnel, ik knijp in een reflex in allebei mijn remmen. Ik ben stomverbaasd, wat overkomt me? Vlak naast me staart een echtpaar me aan, minstens zo verbijsterd. "Gaat het wel goed?", vraagt de vrouw en ik moet met een antwoord komen, ik wou dat ik er één had….

Voorzichtig probeer ik overeind te komen, ik voel me onnozel, geknield naast mijn fiets. En pijn, ja dat ook, wat voel ik allemaal? Héél voorzichtig manoeuvreer ik mijn benen naar elkaar, de vrouw neemt mijn fiets van me over. Ziezo, ik sta. Verbouwereerd staar ik naar de grond: een stukje meloenschil ter grootte van een flinke pingpongbal ligt uitgesmeerd over de stenen: daarover ben ik uitgegleden; mijn linkervoet is finaal naar voren geschoten en  mijn rechterknie heeft me keurig opgevangen. ”Ik dacht dat u flauwviel, het ging zo snel”, zegt de vrouw en ik kan me haar opluchting indenken. Ondanks alle pijntjes ben ik nog heel. Ik overtuig mijn redders van mijn welzijn en vervolg mijn weg naar de fietsenstalling.

Terwijl ik zo gewoon mogelijk probeer te lopen begin ik te voelen wat ik al wist, dit gaat pijn doen. Voelde ik me gisteren nog de jeugdigheid zelve, de komende dagen benadert mijn gang die van een hoogbejaarde en daar word ik niet vrolijk van. Bovendien is de lak er af. Mijn rechtervoet vertoont twee afgeschaafde nagels – wat moet ik daar nou mee? Geen verzekering die dat dekt natuurlijk, flitst het door mijn hoofd, hoe kom ik er bij? Volgende week gaan we op vakantie, zal ik Elske vragen of ze mijn tenen nog even bij-tipt?
Het lijkt me een goed idee. Kennelijk ben ik er inmiddels zo aan gewend dat ik mijn blauwe tenen terug wil. Bij thuiskomst zie ik dat ook mijn knie blauw is. Dat kan er nog wel bij.

Elske is deze dagen druk bezig met het verven van de jongenskamer. Blauw en rood worden de muren, ze denkt in kleuren. Ik zeg maar niks over die knie…..



dinsdag 9 juli 2013

Zonsopgang gevangen







Op zolder is het 
bij ons 
eerder dag dan in de keuken

Om een uur of vijf word ik 
wakker 
van de opkomende zon

Iets in mij heeft 
dan 
de neiging om naar buiten te gaan 
en 
de dag geboren te zien worden 
maar 
de meerderheid blijft lekker liggen

Vanochtend was het 
andersom

voor ik het wist zat ik 
op de fiets































Vroeg opstaan 
de moeite 
dubbel en dwars
waard

Zie je wel?








zondag 30 juni 2013

Nieuwe camera

Nog lang geen vakantie

stug doorwerken
en 
als beloning
alvast 
een beetje 
uitproberen

gisteren(klik)
en 
vandaag(klik)
=
heerlijk




vrijdag 21 juni 2013

Welkom in Zwijndrecht!

Wat een leuk idee: een introductieavond voor alle Zwijndrechtse nieuwingekomenen van het afgelopen jaar.

Het is bloedjeheet, de stoom dampt er af als we voor het raadhuis van onze fiets stappen. Ik tel zo'n dertig aanwezigen in alle leeftijden. Na een kopje koffie worden we welkom geheten door burgemeester Schrijer - minstens zo nieuwingekomen als wij: we gaan een rondrit maken door de gemeente. In een bus met airco! 



Dat is nog eens relaxed rondkijken, de wethouder voorziet ons van de nodige toelichting en ik weet nu al waar ik volgende week een rondje ga fietsen. Misschien vind ik daar mijn stekje om iets van de zonsondergang te beleven.

Bij terugkomst staat ons drankje al klaar. Twee enthousiaste wethouders verzorgen een rondleiding door het oude én het nieuwe deel van het monumentale raadhuis. 
Wat een prachtig gebouw. Ik betreed ruimtes waarvan ik vermoed er nooit meer terug te komen: slim om op het laatste moment mijn camera in mijn tas te mikken. 


Door de authentieke ramen zie ik in de verte zowaar de zon rood ondergaan. Goed voor een mooi plaatje. 

woensdag 19 juni 2013

Wasmachien


In één van mijn vroegste herinneringen is het mooi weer. Ik zie, achter ons huis, mijn vader met een grote bak water zeulen. Uit de toelichting van mijn moeder weet ik dat het wasdag is.  Er staat me vaag een wringinstallatie bij, ik herinner me niet of ik die in bedrijf heb gezien.
Mijn geheugen bergt ook minder rooskleurige beelden van de wasdag uit mijn jonge jeugd. In de dampende keuken staat een grote zinken ketel op het vuur, ik weet dat wat er in zit niet fris is. Een emmer met uitgespoelde poepluiers bij de achterdeur wringt zich hier figuurlijk gezien tussen, onmiddellijk gevolgd door een rij badstoffen maandverbandjes aan de waslijn. Mijn geheugen is een museum.

De wasmachine zoals ik mij die van mijn oma herinner bestond uit een grote porseleinen bak met een drievinnige draaier in het midden. Door het aan- en afvoeren van heet sop en dito water werd het wasprogramma doorgewerkt, waarbij oma het wasgoed met een houten tang effectief door het vocht bewoog. Het drogen van de was geschiedde op grote houten rekken waartussen wij als kind verstoppertje speelden. Het verhaal gaat dat mijn oma een centrifuge voor Moederdag kreeg. Groter dan mijn verbazing dat Moederdag dus al zo lang bestaat is die over oma’s bedankje: van een centrifuge ging je wasgoed kreuken en daarom hoefde ze het ding niet. 

Of het verhaal waar is doet er niet toe. Oma had eens moeten weten wat er sinds vanmiddag bij mij in de garage staat. Bijna zou ik zeggen: wie daar zetelt. Omzichtig startten we zojuist de kennismaking - ik voel me klein, mijn nieuwe machien kan meer dan ik.

Als ik op een knop druk komt het goed met de was, belooft ze. Altijd en helemaal.
Overhemden, niet twaalf maar drie? Mijn machien weegt ze en wast ze vervolgens op maat. 
Ik kan voortaan precies zien hoe lang de was gaat duren. Wil ik het korter? Speed Perfect staat er op een knop - en het duurt iets korter. Mag het wat langer duren? Geen probleem met de Eco Perfect knop, daarmee ligt mijn wasje een nacht in het sop te badderen met af en toe een schud-je. Anti-kreuk, extra water, superkort het kan niet op - hoe krijg ik dit allemaal ooit uitgeprobeerd?

De wasmachineverkoper, ik kan niet anders zeggen, was laaiend enthousiast over zijn eigen product. Ieder snufje en voordeeltje heeft hij me vanmiddag uit de doeken gedaan. Alleen bij de overgang tussen gordijnen en lingerie moest hij even slikken, en ik ook, want hoe weet mijn machien dat allemaal uit elkaar te houden? Toch geen camerawerk mag ik hopen.
De mooiste knop is meteen mijn favoriet: Mix. Voor als ik van alles-en-nog-wat wil wassen, gooi maar bij elkaar, druk op Mix en het wordt vanzelf schoon. Als echte doener heb ik die knop meteen uitgeprobeerd, en ja hoor. Schoon!

Mocht ik nu de fabrikant een tip kunnen geven dan zou ik er graag nog een knop bij zien. 
Gewoon eentje voor die speciale dagen,
 of 
voor degene die er nu vast en zeker nooit meer aan begint. 
Een knop met slechts twee woordjes er op....

Géén idéé



Ook leuk om te lezen 
over de was van vroeger: 
(klik) Oh, mijn rug







woensdag 5 juni 2013

Soms zit het mee

en soms zit het tegen

Gisteravond om half 12 werd ik door mijn computer afgestraft. 
Urenlang had ik mijn werk niet opgeslagen. Het Word-programma liep vast en het halve document van twee dagen werk loste op in het niets.
Terwijl de finish in zicht, mijn deadline haalbaar, leek. 

Geen ramp, wel tegenslag. Want reken maar dat ik van slag was. De verbijstering waarmee ik naar de melding op het scherm staarde zal ik niet gauw vergeten. Ik was er totaal niet op bedacht.
Ooit had ik een computer die dagelijks vastliep en ik vond mijn tekst altijd terug; mijn huidige exemplaar liet me nog niet eerder zo in de steek. En dat terwijl ik eergisteren alle fotobestanden naar extern verplaatst had om intern van de computer vlotter te kunnen werken. Ik kan het niemand aanrekenen behalve mezelf: in de flow vergat ik mijn werk op te slaan en ik weet nu al dat me dat nog wel eens zal gebeuren. 

Een traantje plengen voor je scherm is geen schande. Echter de wetenschap van de duizenden mensen zich vandaag door de Alpe d'Huzes worstelen doet mijn frustratie verbleken tot een beetje tegenslag. 

Gewoon computer aanzetten
 concentratie
 en gaan

En al die kanjers op de Alpe d'Huzes
wens ik 
héél veel succes!!


dinsdag 28 mei 2013

Ups en downs: jarige oom en molletje te water



Oom Jaap-Willem is jarig. Reden voor een feestje zou je zeggen. Koen van vijf kan vandaag helaas niet op bezoek komen.  Mama en Papa kijken examens na. 
En er is nog meer. Oma studeert, Opa moet werken, tante Esther heeft twee verstandskiezen minder. Tante Jorien heeft haar projectweek op school en loopt op haar tandvlees. We hebben allemaal wat, zeg maar.
Het is daarom een verrassing voor Koen dat hij met Aart en Tessa, ja zelfs met Papa en Mama bij Oma en Opa mag komen eten, dat zijn jarige oom mee eet en  - zoals Koen aan tafel nadrukkelijk opmerkt - dat het nog lekker is ook!

Oma heeft het slim aangepakt. Iedereen zit krap in zijn tijd; pasta en sla kun je snel en lekker klaarmaken. Twee varianten op tafel en iedereen smult. Alles op tijd de oven in, tafel dekken, klaar! 
Koen en Aart zijn tijdig present. In afwachting van het feestvarken verkleden ze zich als ridder, Koen mag het zwaard en Aart het schild, eerlijk delen. De goudkleurige blouse van overgrootoma Iris komt altijd weer van pas, wie had er twintig jaar geleden een riddercape in durven zien. We hangen de slingers in de voortuin, Koen en Aart tekenen een speurtocht met stoepkrijt met pijlen, zo kan oom Jaap precies zien waar hij moet zijn. Hier is het feest! 

Daar komt de jarige. Hij volgt met zijn brommer de pijlen tot bij de voordeur. De jongetjes dansen uitgelaten om hem heen. Oma houdt de klok in de gaten, alles klopt, we kunnen meteen aan tafel! Jammer dat Pieter en Elise dit moeten missen, en och die arme Esther, speciaal voor haar eten we geen (nee, dat zeg ik niet). 
Ook in petit comité is het natuurlijk gezellig. Inclusief het toetje en het Bijbelverhaal is de integrale maaltijd keurig binnen de tijd gepasseerd. Oma Nely geniet, wat een voorrecht als je kroost even aanschuift en het voelt als “thuis”.

Tessa is ons kroonjuweel, als ze naar je lacht kan je dag niet  meer stuk. 
En ze lacht! Naar mij, naar oom Jaap – zij het na enig aarzelen maar als hij zijn bril laat wiebelen kan ze daar wel de lol van zien – naar iedereen op zijn tijd, maar het allermeeste naar haar Papa. Tessaatje gaat van hand tot hand, wat is ze zacht, oh, nu moet ze even drinken, dan een boertje laten, nog even knuffelen met dat pluizenbolletje….

En het is alweer voorbij. De jongetjes ruimen met veel geraas hun speelgoed weer op, de afwas is tot acceptabele proporties teruggebracht, we zwaaien eerst Jaap en dan de Kapteintjes uit. De slingers naar binnen, party is over. Stil is het ineens. Wat een rust. Opa, Oma en Jorien verklussen nog wat aan de rommel en dan treedt deel 2 van de avond in. De telefoon gaat. Elske. Er is iets dat ik moet weten. En iemand die daar wakker van ligt. Mijn kleinzoons kennende weet ik dat dit over Koen gaat.  

Ik krijg een snikkende Koen aan de telefoon. Het spijt hem zo. Snik. Mijn knieën bibberen ervan, wat een verdriet, en moet ik daar de reddende troost in gaan bieden? Kennelijk wel. Koen heeft iets op te biechten waar we over twintig jaar nog dubbel om liggen. In de loop van de tijd heeft zich in onze toiletruimte een leuke verzameling molletjes opgehoopt. Een krijgertje, en nog een, een royale oogst op een rommelmarkt, ooit nog eens eentje gekocht….

En daar is het gebeurd. Tijdens het toiletbezoek van Koen is er een molletje in de pot gevallen. 
Koen kon er niet van slapen, nee meer dan dat, hij snikt van verdriet en spijt. Als beelddenker zie ik onmiddellijk dat beest daar onderin die afvoer zitten. Oooooh, nee! Hoe lang is dat geleden en wie zijn er in de …. Ik wil er niet aan denken. Met de telefoon loop ik al pratend naar de plaats des onheils en speur de plank af. Wie mis ik? 

Aan het piepkleine lege stoeltje waar tot een uur geleden een molletje van een centimeter of drie lag te zonnebaden zie ik dat ik me geen zorgen hoef te maken. Ik knuffel Koen door de telefoon, spreek alle bemoedigende woorden die ik kan bedenken en wens hem welterusten. Ga jij maar lekker slapen knul, lekker in je warme holletje. Net als een…..

Onze molletjes doen het kennelijk goed bij de fun facts over ons gezin. Ooit maakte iemand op een gespreksgroep een opmerking over alle molletjes in ons toilet. Wanneer ze daar geweest was, wilde ik wel weten? Ze kleurde tot achter haar oren. Niet, bekende ze, ze had het van horen zeggen. Vanaf vandaag is het er eentje minder. Wie het wil zien komt maar kijken.