zondag 17 november 2013
zaterdag 16 november 2013
Op de fiets naar de kapper
Karin is mijn kapper
voor haar fiets ik graag een half uurtje om
ook in de mist
camera op mijn rug
als de zon staks komt moet het prachtig zijn
in de polder
na een gezellig halfuurtje
kapperen
kapperen
stap ik keurig geknipt
naar buiten
wat ik ook zie
geen zon
wel Sinterklaas
volop Zwarte Pieten
zelfs de burgemeester is present
en een hoop volk
maar geen zon
welgemoed trap ik me de polder weer in
dan maar foto's met mist
ook mooi
de molen
het water
de afstervende natuur
de weerspiegeling
licht en donker
hoog en diep
prachtig
Ik klik me suf
vingers verkleumd
de brug over
en
naar huis
thuis
warme koffie
bij de pc
kijken
of het wat is
en het is wat
:-)
dinsdag 5 november 2013
Wij houden van Sint en Piet
Ineens is het er.
Toch. Ondanks alle rumoer gaan we dit jaar gewoon Sint vieren.
Alle gebruikelijke vragen worden als vanouds gesteld, luister maar eens rond deze week….
- Wat doen we op vijf december - en wie is er dan bij?
- Gaan we nog lootjes trekken?
- Organiseer jij nog het Sinterklaasfeest op het Zorgplein (nee, dat doen mijn leerlingen en goed ook!)
- Mag ik op mijn stageschool als de Sint komt?
- Wanneer mag ik mijn schoen zetten?
Zo ongeveer verging het later ook onze Pieter, die een week na de Sint zijn verjaardag viert… Die wist niets meer te verzinnen voor zijn verlanglijstje want hij had alles al ;-) Of het was uitverkocht - ik heb nog eens het halve Land van Altena afgereden voor een poppenkast. En over uitdagend buitenspeelgoed zoals skeelers of een vlieger moest je dan al helemaal niet beginnen.
Dat was toen. Nu kun je alles "krijgen" via internet, te beginnen bij Marktplaats.
Tja, die Sint - die weet wat.
In Nieuw-Lekkerland kun je begin december enthousiaste jongeren als Sint en Piet inhuren ten behoeve van het goede doel. Terwijl ik het bericht lees buitelen mijn herinneringen over elkaar. Ooit chauffeerde ik mijn eigen kroost in Sinter-en-Piet-tenue van deur naar deur, en natuurlijk niet op een paard maar in de auto. Via via hadden we een pak bemachtigd en het spel kon beginnen. Uitstappen, aanbellen - en in de auto wachten tot ze terugkwamen. Die mijter was nog het meest onhandig. Toen we een Scénic kochten was dat voorbij, die kan zelfs een Sint herbergen.
Zwarte Piet kan zich uiteraard prima autonoom verplaatsen, Jorien reisde in haar outfit en met een mooi praatje ooit gratis met de bus de polder door en voor letterlijk zwart werken is ze altijd te porren….
De opbrengst voor een goed doel bestemmen: dat is echt prachtig.
Zo hebben we het bij ons in huis ook altijd gedaan. Sinds we zelf een complete outfit onder dak hebben zijn de kleinkinderen het goede doel. (Of was het andersom, dat ben ik even kwijt?)
In Nieuwendijk kon je destijds ook een Sint inhuren.
Je betaalde toen nog met guldens en de opbrengst was als ik me goed herinner voor het jeugdwerk. Natuurlijk tekenden wij voor een huisbezoek door de goedheiligman en toen het op 5 december begon te schemeren liep de spanning in huize Mol aardig op. Komt hij of komt hij niet, wachten duurt lang….
Om klokslag zes uur ging de bel.
In het licht van de straatlantarens ontwaarde ik voor de deur onmiskenbaar de Sint met zijn Piet, een uur eerder dan afgesproken. Geruisloos opende ik de deur en siste: "wat komen jullie doen?" Dit was niet de begroeting die het tweetal verwachtte, ze zwegen even verbaasd en Sint fluisterde: "Jullie hebben ons toch besteld?" Terwijl ik koortsachtig nadacht over hoe dit op viel te lossen voelde ik een kinderhoofdje dat zich tussen de deurpost en mijn knie wrong: Pieter van vier. "Kijk eens wie we daar hebben?" kreunde ik zo monter mogelijk.
En tegen Sint: " Nou, kom dan maar binnen - met je knecht"
Ik leidde de goedheiligman en zijn partner naar de zitkamer en draaide in de keuken alle pitten uit. "Arie, we hebben bezoek!", bitste ik naar boven en samen met de kinderen zongen we het ene lied na het andere. Cadeautjes had de Sint niet bij zich want die lagen nog boven in een kast: een boterletter was alles wat ik - en hij dus ook - in de gauwigheid voor de dag wist te toveren. Maar een onverwacht feestje voor de kinderen was het zeker. Een echte verrassing.
Toen de Sint en Piet even later vertrokken - met de belofte de pakjes over een uurtje na te leveren - kwam mijn afscheidslied uit mijn tenen. De kinderen hadden dubbel feest want na het eten deden we het nog eens dunnetjes over. Zingen, pakjes, blije gezichtjes.
Na al die jaren vraag ik me af of Sint en Piet het zelf nog weten?
woensdag 30 oktober 2013
De school vandaag: net een achtbaan....
De schooldag vliegt om. Voor ik het weet sta ik weer buiten - te tollen op mijn benen.
Hoopvol vraag ik aan de collega die in mijn buurt woont: fiets je mee?
Lijkt me gezellig. Ik kan wel wat aanspraak gebruiken, anders val ik op de fiets in slaap.
Nou nee, zegt hij, ik ben met de camper. Meerijden?
Geintje zeker?, aarzel ik.
Nee natuurlijk niet. Kom mee!
Dat laat ik me natuurlijk geen twee keer zeggen.
Fiets achterop hijsen, instappen en wegwezen.
Een leerling die voor de school op haar bus zit te wachten zwaait me met een stralende glimlach uit. En ik wuif terug, ik zit als een vorstin en schiet bij elke bocht in de lach.
Het voelt echt een beetje alsof we op vakantie zijn.
We? Ik ken mijn collega niet verder dan zijn fiets. Op een cameraatje zie ik de mijne netjes achterop de camper vastzitten. Gelukkig, nog een stukje van mezelf.
Thuis voor de deur worden mijn fiets en ik netjes uitgeladen.
Er staat een joekel van een camper voor de oprit en geen huisgenoot die het gezien heeft.
En ik ben thuis, zonder fietsen of varen.
Leuker dan de achtbaan, moet ik zeggen.
dinsdag 29 oktober 2013
.... da's pas oud
Leerling: Mevrouw, volgende week ben ik jarig!
Mevrouw: Leuk! Hoe oud word je dan?
Leerling: Vijftien!!
Mevrouw: Aaaach, ik weet nog hoe het was toen ik vijftien werd! Maar ja, dat is al honderd jaar geleden....
Leerling: Bent u al honderdvijftien??
Nee.
Mevrouw zit nog niet eens op de helft :p
Mevrouw: Leuk! Hoe oud word je dan?
Leerling: Vijftien!!
Mevrouw: Aaaach, ik weet nog hoe het was toen ik vijftien werd! Maar ja, dat is al honderd jaar geleden....
Leerling: Bent u al honderdvijftien??
Nee.
Mevrouw zit nog niet eens op de helft :p
donderdag 24 oktober 2013
Heeft iemand soms een zandbakdeksel over?
Wat een weertje. Nazomer 2013! Na dat puberkamp met 100% survivalweer in de Ardennen gevolgd door een paar mooie dagen in Noord-Frankrijk vormt dit de ultieme toegift.
Toch wat spijtig dat het nou net precies regende toen we eergisteren in de Franse zee zwommen. En stoer - dat we het toch deden, die lol heb ik tenminste. Wandelaars met dikke jassen en capuchons bleven staan kijken totdat ik "door" was. Zwaaiden beleefd terug maar kwamen niet ook even een baantje trekken. Ze weten niet wat ze gemist hebben.
En nu weer thuis: aan de slag! We hebben vanmiddag flink doorgewerkt. Voldaan bekijk ik de voortuin. Het onkruid is grotendeels verdwenen, het gevolg van een gewiekst samenspel door dik dertig jaar huwelijk. We zijn een superteam.
Mijn tuinvlijt duurt doorgaans het langst: ik ga nog lekker even door in de achtertuin. Daar groeit in mijn beleving nog van alles wat ook wel weg kan. Morgenochtend staat onze groene container bomvol aan de weg, laat dat maar aan mij over. Ik blaak van snoei-zin! Intussen heb ik het warmer en warmer gekregen. Hield ik in de voortuin voor het fatsoen mijn vestje nog aan, achter het huis belandt het ene kledingstuk na het andere op een stoel. Heerlijk. Ik geniet!
De vijg die hier al jaren woont groeit over het pad en als ik het goed heb gehoord vindt niet iedere achterbuur dat even fijn. De bladeren kleuren al mooi geel, voordat die naar beneden tuimelen zal ik de takken even van boven het pad wegsnoeien. Wat een heerlijk werkje is dit toch, mijn superschaar snijdt door de takken als een mes door de boter. Nog één tak, die daarboven, knip - ik heb je.
Mijn stap naar achteren wordt geblokkeerd door de zandbak van de kleinkinderen, zo'n blauwe schelp, een trofee van Marktplaats. Ik verlies mijn evenwicht en plof op de schelp. Mijn bril vliegt van mijn hoofd, ik ga er op staan - maar wat een geluk, hij past nog op mijn neus en ik kan er nog door kijken: die is nog heel.
Treurig bekijk ik de resterende ravage. Zo'n gewicht overleeft geen zandbak natuurlijk. In de onderste helft blijkt een laag water te staan, het speelgoed drijft troosteloos in de derrie. Van de nood een deugd maken betekent dat ik het natte zand er uit schep en tussen de planten verdeel. De zeerovers, vrachtauto's, emmers en schepjes verzamel ik in een emmer om binnen te overwinteren.
Einde verhaal voor dit jaar wat de zandbak betreft. Ik moet op zoek naar een oplossing: daar baal ik van, want wie bewaart er nou een zandbakdeksel? En aan alleen een onderhelft hebben we niets.
Dus, ja: wie?
Eind maart is vroeg genoeg. We hebben nog even.
vrijdag 4 oktober 2013
Guppenbak krijgt kleur. Aandacht werkt.
Ik vind het leuk om dieren om me heen te hebben, dat is altijd al zo geweest. Ik heb een konijn en een kanarie, tot voor kort hield ik kippen. En ik heb guppy’s.
Jaren geleden kreeg ik voor mijn verjaardag van mijn kinderen een kom met guppy’s. Ik was er heel blij mee. Wanneer de zon op de kom scheen zag je de visjes rondzwemmen. Door diezelfde zon tierden groene algen welig in de kom, regelmatig schoonmaken was het devies.
Van tijd tot tijd ontdekte ik een zwerm jonkies. Zette ik die apart in een kleine bak dan bleven ze in leven, zo niet dan werden ze door hun familie opgegeten. Soms zwommen er plotsklaps minder visjes in de kom en was een aantal doodgegaan. Niet dat ik daarom treurde want er werd vlot bij-gejongd – zo gaat dat met guppen. Soms had ik er dertig en soms vijftien.
Voor mijn verjaardag kreeg ik dit jaar tot mijn verrassing een mooi aquarium. Precies groot genoeg voor mijn guppen. Een van mijn kinderen heeft er verstand van, zegt hij. Van hem leerde ik dat ik de bak eerst op gang moest laten komen. Dus water er in, speciale bacteriecultuurvloeistof uit een flesje erbij, pompje er in en draaien maar, verwarming aan – nog twee dagen wachten en pas daarna mochten de vissen er in. Vanwege het evenwicht.
Toen de vissen voor het eerst in hun nieuwe onderkomen rondzwommen vond ik het geheel wat grauwtjes aandoen. Toegegeven, in de oude ronde bak zag ik er ook niet zoveel moois aan, maar nu met de felle lamp erboven vielen mijn guppy’s een beetje tegen. Ik ging op zoek naar een mooie guppen-man, eentje met rode staart leek me gaaf. Maar in geen enkele dierenwinkel zag ik een visje dat ik mooi genoeg vond. Een rafelig staartje of een flets tintje, ze hadden allemaal wel wat…. Ik kwam steevast zonder vis thuis.
Ik beleefde – en beleef– veel plezier van mijn aquariumpje. Na een week was het water al aardig helder. Als ik ’s morgens beneden kwam en het licht aandeed keek ik met plezier naar zilveren visjes. Van mijn zoon kreeg ik twee garnalen cadeau. “Die houden je bodem zo lekker schoon”, zei hij. En dat klopt. Mijn garnalen doen wat ze doen moeten. Ze zitten op hun gemak aan bladeren te knagen, als slakken in de moestuin, en houden de bodem lekker schoon.
Na een maand kocht ik vijf rode tetraatjes voor een kleurtje in de bak. Of het daardoor kwam of door iets anders - binnen een week was de bak één groene algensoep. Ik raadpleegde internet: wat kon ik doen?? Om de dag water verversen en bacteriën erbij, las ik. En dat deed ik. Een week, nog een week. Beetje water er uit, beetje water er in, flesje erboven.
Dagelijks zat ik met mijn dochter gehurkt voor de bak om de situatie te beoordelen. Het viel ons nu op dat er twee mannetjes tussen de guppy’s zwommen. Met de dag leken ze mooier te worden: eerst werden hun staartjes rood, daarna kwam er wat blauw in hun rugvinnen. Toen zelfs die vinnen begonnen te groeien waren we helemaal niet meer voor het glas weg te slaan. “Kijk nou, die vrouwtjes krijgen stippen op hun staart!”
We keken vaker aquarium dan tv. Het probleem was alleen: zou het water ooit nog helder worden? Ik deed mijn ding nog maar weer eens met de prijzige flesjes, en met succes. Op een dag zag ik verrast dat de dames ook een kleurtje kregen. Ik riep er mijn dochter bij want ik geloofde mijn ogen niet: in de warme bak zwommen mijn ooit grauwige guppy’s rond met rode en blauwe staarten.
Een dag later was het aquariumwater glashelder. En met mijn gele flesjes, een stuk tuinslang en een emmer heb ik sindsdien alles onder controle. Van de zestien guppy’s blijken er zes een mannetje te zijn. Een drieling met rood en blauw, eentje met zwart en geel, twee pastelkleurig. Hun staarten groeien nog steeds. Die van de vrouwtjes zijn nu zachtgeel of zachtblauw met donkere stippen. Vorige week spotte ik drie jonkies die in deze bak verrassend snel groeien.
Mijn guppenbak – het woord is zijn lading wel ontstegen – ik kan er uren naar kijken. In die onverwarmde kom op onze piano wisten mijn guppy’s jarenlang te overleven.
Mijn guppen zwemmen levendig rond in hun nieuwe onderkomen, een lust voor het oog. Van donker, koud, stilstaand naar verlicht, warm, bewegend dus zuurstofrijk water: de faciliteiten voor hun leefomgeving zijn aanzienlijk verbeterd. Hun kwaliteiten komen volop tot hun recht, alsmede die van hun medebewoners.
Ik heb hiermee een verbijsterende ontdekking gedaan: mijn guppen zijn dezelfde vissen gebleven. Ik ben er beter voor gaan zorgen. En ik wist het niet eens. Maar nu wel.
Abonneren op:
Posts (Atom)
























